Kak. Je zag het gebeuren en je deed niks. Iemand werd voor je neus lastiggevallen, je twijfelde om iets te zeggen… en de situatie was voorbij. ’s Avonds denk je er nog een paar keer aan. Herkenbaar? Dat is niet gek, want het overkomt ons allemaal. En we aarzelen bijna altijd, om heel goede redenen. Bij een onderzoek over slachtoffers van straatintimidatie gaf maar 25% procent aan dat een omstander ingreep.

Via Stichting Fairspace geef ik straatintimidatieworkshops voor omstanders waarin je leert wat je wél kunt doen, op een voor jou veilige en fijne manier. Dat helpt je niet alleen van je nare nasmaak af, bovenal help je het slachtoffer. Er zijn vijf praktische manieren hoe je kunt reageren op ongewenst gedrag dat je ziet gebeuren tegen iemand anders op straat. Spoiler: maar bij één spreek je de dader daadwerkelijk aan! Benieuwd? Eerst leg ik graag uit waarom het zo logisch is dat we vaak niet reageren. 

Op ongewenst gedrag reageren is best spannend. Want wat gebeurt er met jouw eigen veiligheid? Een heel begrijpelijke drempel. Of je twijfelt: is dit nou écht iets of beeld ik het me in? Het herkennen van een vervelende situatie is soms lastig. En voor je het weet is de situatie voorbij. Goed nieuws: 79% van de slachtoffers waarbij iemand ingreep tijdens straatintimidatie gaf aan dat de situatie positief veranderde. Dus liever een keertje te vaak gevraagd of alles oké is dan een keer te weinig.

En misschien wel de grootste en psychologisch verklaarbare reden is het omstandereffect. Hoe meer mensen om de situatie heen niks doen, hoe minder verantwoordelijkheid je als individu voelt om in te grijpen. Er zijn immers genoeg anderen die dat ook kunnen doen. Helaas voelt bijna iedereen dit zo. Resultaat: we staan erbij en kijken ernaar. 

Oké, maar hoe dan wel? Stichting Fairspace gebruikt de 5 D’s van omstanderinterventie: Direct, Distract, Delegate, Document, Delay.

1) Direct
Spreek de persoon die ongewenst gedrag vertoont direct aan. Ook het slachtoffer direct aanspreken of alles goed gaat valt onder deze aanpak. Wees kort, direct en duidelijk, maar laat de situatie niet escaleren en denk ook aan je eigen veiligheid. Voorbeelden zijn: ‘Stop daarmee’ of ‘Wat je doet is niet oké’. Hoewel de directe aanpak heel doeltreffend kan zijn heb je daar wel een flinke portie lef voor nodig. Ook is de situatie niet altijd geschikt. Gelukkig zijn er ook vier indirecte vormen van hulp die je kunt bieden:

2) Distract
Hier is het doel om de situatie te doorbreken door afleiding. Vraag het slachtoffer om de tijd of om de weg, laat iets vallen of ga ‘per ongeluk’ tussen de mensen in staan. Als het maar afleidt. Richt je op het slachtoffer en negeer degene die lastigvalt. Zo creëer je veilige ruimte voor het slachtoffer.

3) Delegate
Schakel hulp in. Is er iemand met autoriteit om je heen? Vraag die persoon dan om hulp. Denk hierbij aan personeel in een horecazaak, een conducteur of een beveiliger. Niemand met autoriteit in de buurt? Vraag dan een medeomstander: ‘Zie je wat daar gebeurt? Loop je even met me mee?’ of ‘Haal jij een beveiliger? Ik blijf bij het slachtoffer.’. Vaak willen anderen wel helpen, maar weten ze niet goed hoe. Hoe duidelijker jouw instructie of hulpvraag, hoe groter de kans dat iemand je te hulp schiet. 

4) Document
Informatie vastleggen zorgt ervoor dat slachtoffers vaker tot melding van het ongewenste gedrag overgaan. Foto’s en video’s kun je niet zomaar overal maken. Wel kun je noteren op welke locatie het gebeurde, wat er gezegd of gedaan werd, hoe de dader eruit zag of op welk tijdstip het incident plaatsvond. Blijf bij het documenteren een beetje op afstand. 

5) Delay
Deze laatste methode voelt misschien niet vanzelfsprekend: je checkt namelijk ná het incident hoe het gaat met de persoon die geïntimideerd werd. Te laat, denk je misschien. Toch kun je grote impact maken. Door te zeggen dat je zag wat er gebeurde en dat dat niet oké was, kan validerend en helend werken voor het slachtoffer. Zelfs zoiets kleins als een meelevende blik kan validerend werken, blijkt uit onderzoek. Ook kun je achteraf vragen of je nog iets voor het slachtoffer kunt betekenen of dat het fijn is als je nog even blijft. 

Dat waren ze, de 5 D’s! De volgende keer als je een situatie herkent, heb je weer wat nieuwe tools in handen. Welke past het best bij jou?

Superbelangrijk! Wat er ook gebeurt, bij jezelf of bij iemand om je heen: weet dat het nooit jouw schuld is. De oplossing en verantwoordelijkheid liggen bij de dader, niet bij een omstander of slachtoffer. Je kunt het dus niet ‘beter’ doen of voorkomen. De 5 D’s zijn bedoeld als hulpmiddel zodat je weet hoe je om kunt gaan met een situatie.

Heb je behoefte aan meer informatie, een workshop, of wil je met iemand over dit thema in gesprek? Mail naar info@fairspace.co of kijk op www.fairspace.co (de site is zowel in het Engels als Nederlands).

Liefs, Lisa
🖤

Lisa heeft psychologie gestudeerd, is innovatiedesigner bij de politie en
geeft freelance creatieve workshops en purpose coaching.
Ze is naast haar vriend ook dolverliefd op een andere man: haar kat Pablo.
Ze zet zich in voor projecten die een positieve impact hebben op de mensen om ons heen.

Je kunt Moderne Hippies volgen op Instagram.

Lees ook: Weerstand: waar komt het vandaan en hoe kom je eraf? (3 tips)